Een nieuw zonneproject in Spanje wil groene waterstof produceren zonder netstroom of batterijen – en het gas meteen in bestaande pijpleidingen injecteren. Als de technologie werkt zoals beloofd, kan dat de kosten van groene waterstof drastisch verlagen en de uitrol van waterstof in Europa versnellen.
Groene waterstof geldt al jaren als een belangrijke bouwsteen van de energietransitie. Het kan zware vrachtwagens aandrijven, staalproductie verduurzamen en grote hoeveelheden energie langdurig opslaan. Toch blijft één probleem hardnekkig: de prijs.
Een nieuw project in Spanje wil precies dat probleem aanpakken. De Israëlische technologieontwikkelaar H2Pro en de internationale ontwikkelaar Doral Hydrogen hebben een samenwerking aangekondigd om een zonne-gedreven waterstofinstallatie te bouwen in Extremadura.
De bedrijven kondigden het project aan tijdens de European Hydrogen Energy Conference. Daarmee willen ze aantonen dat waterstofproductie direct op hernieuwbare energie kan draaien, zonder stabiele netstroom of dure energieopslag.
Waterstof direct het gasnet in
Het meest opvallende onderdeel van het project is wat er met de geproduceerde waterstof gebeurt. In plaats van het gas alleen op te slaan, willen de initiatiefnemers het direct injecteren in bestaande aardgasleidingen van de Spaanse netbeheerder Enagás.
Deze aanpak staat bekend als hydrogen blending. Daarbij wordt een kleine hoeveelheid waterstof gemengd met aardgas in bestaande pijpleidingen. Dat kan de CO₂-uitstoot van het gasnet verminderen zonder dat er meteen nieuwe infrastructuur nodig is. Dat betekent ook dat projecten meteen inkomsten kunnen genereren, zonder te wachten op een volledig waterstofnetwerk.
Op langere termijn kan de locatie nog belangrijker worden. Extremadura ligt namelijk langs de geplande route van de Europese waterstofpijplijn H2Med, die in de toekomst waterstof van het Iberisch schiereiland naar industriële regio’s in Noord-Europa moet transporteren.

Afhankelijkheid wegnemen
Hoewel zonne- en windenergie inmiddels goedkoop zijn, blijft groene waterstof relatief duur. De oorzaak ligt niet zozeer bij de elektriciteit, maar bij de technologie die waterstof produceert: elektrolysers.
Traditionele elektrolysers zijn ontworpen voor een stabiele stroomtoevoer, vergelijkbaar met de constante output van een elektriciteitscentrale. Zonne- en windenergie leveren echter sterk variabele stroom. Dat veroorzaakt problemen zoals lagere efficiëntie bij wisselende belasting, versnelde slijtage en veiligheidsrisico’s bij abrupt schakelen.
Om die fluctuaties op te vangen installeren ontwikkelaars vaak batterijopslag of netaansluitingen. Dat maakt projecten aanzienlijk duurder en complexer. Volgens Yam Efrati, CEO van Doral Hydrogen, kan het wegnemen van die afhankelijkheid een grote economische doorbraak betekenen: “Systemen die direct op hernieuwbare energie kunnen draaien vereenvoudigen projectontwerpen en verminderen de noodzaak voor dure batterijen of netback-up.”
Nieuwe technologie moet het verschil maken
De kern van het project is een technologie die door H2Pro is ontwikkeld: Decoupled Water Electrolysis (DWE). In conventionele elektrolyse worden waterstof en zuurstof tegelijkertijd geproduceerd en gescheiden door een membraan. Dat membraan is gevoelig voor schommelingen in stroomtoevoer.
De DWE-methode werkt anders. Daarbij worden de twee reacties tijdelijk gescheiden: waterstof en zuurstof worden op verschillende momenten geproduceerd. Met deze aanpak kan het systeem vrijwel onbeperkt aan- en uitgeschakeld worden, is er minder slijtage, en de efficiëntie blijft hoog bij lagere vermogens. Volgens H2Pro maakt dat het mogelijk om elektrolysers rechtstreeks aan zonnepanelen of windturbines te koppelen.
“De mogelijkheid om eindeloos aan- en uit te schakelen en efficiënt te blijven bij gedeeltelijke belasting is cruciaal om goedkope groene waterstof mogelijk te maken,” zegt CEO Tzahi Rodrig.

Op naar grootschalige productie
Het project begint relatief klein. In de eerste fase wordt een installatie gebouwd met 5 MW elektrolysecapaciteit gekoppeld aan 10 MWp zonne-energie. Maar dat is slechts het begin.
De partners willen de locatie uiteindelijk uitbreiden tot 50 MW waterstofproductie ondersteund door 80 MWp zonne-energie. Daarmee zou het complex uitgroeien tot een volwaardige installatie voor zogenoemde RFNBO-brandstoffen (Renewable Fuels of Non-Biological Origin), een categorie hernieuwbare brandstoffen waarop Europa sterk inzet voor de verduurzaming van industrie en transport.
Test voor nieuwe generatie waterstofprojecten
Het Spaanse project is ook een belangrijke proef voor een bredere strategie. Doral Hydrogen beheert wereldwijd een portfolio van ongeveer 1 gigawatt aan hernieuwbare energieprojecten en onderzoekt hoe waterstofproductie daarin kan worden geïntegreerd.
Als de technologie van H2Pro inderdaad probleemloos kan omgaan met de grillige output van zonneparken, kan dat het ontwerp van waterstofinstallaties ingrijpend veranderen. In plaats van complexe systemen met batterijen en netkoppelingen zouden elektrolysers dan direct naast zonneparken of windparken kunnen worden geplaatst. Dat kan niet alleen de kosten verlagen, maar ook de uitrol van waterstofprojecten versnellen.
Schoon en economisch haalbaar
Europa zet sterk in op groene waterstof om sectoren te verduurzamen die moeilijk te elektrificeren zijn, zoals staalproductie, chemie en zwaar transport. Tegelijkertijd probeert de EU haar energievoorziening minder afhankelijk te maken van fossiele import. Regio’s met veel zon en wind, zoals Spanje en Portugal, worden daarom gezien als toekomstige productiecentra voor waterstof.
Projecten zoals dat in Extremadura proberen te laten zien dat waterstofproductie niet alleen schoon, maar ook economisch haalbaar kan zijn.
Als elektrolysers daadwerkelijk direct op hernieuwbare energie kunnen draaien en de geproduceerde waterstof meteen in bestaande gasnetten kan worden gebruikt – kan dat de weg vrijmaken voor een nieuwe fase in de Europese waterstofeconomie.





