In Duitsland staat een windturbine die hoger is dan de Eiffeltoren. De extreme hoogte moet zorgen voor sterkere, constantere wind en uiteindelijk bijna twee keer zoveel stroomopbrengst.
In het oosten van Duitsland staat sinds kort een windturbine van maar liefst 365 meter hoog. De recordturbine van ingenieursbedrijf GICON moet aantonen of windenergie op grote hoogte aanzienlijk meer elektriciteit kan produceren, zonder dat daarvoor grotere rotoren of nieuwe windparken nodig zijn.
De installatie in Schipkau, in de Duitse deelstaat Brandenburg, heeft een ashoogte van 300 meter en bereikt met de rotorbladen een totale hoogte van 365 meter. Daarmee is de turbine hoger dan de Eiffeltoren en is het volgens ontwikkelaar GICON de hoogste windenergie-installatie ter wereld.
Meer energie uit dezelfde rotor
Het idee achter de extreme hoogte is relatief eenvoudig: hoger boven het aardoppervlak waait het gemiddeld harder en bovendien gelijkmatiger. GICON verwacht daardoor met dezelfde rotordiameter ongeveer twee keer zoveel elektriciteit per jaar te kunnen produceren als met een conventionele windturbine.
Dat betekent niet dat het maximale vermogen verdubbelt. De pilot krijgt een nominaal vermogen van 3,8 MW. Toekomstige uitvoeringen moeten boven 7 MW uitkomen. De winst moet vooral komen uit een hogere capaciteitsfactor: meer uren waarin de turbine veel elektriciteit produceert. Of die voorspelling in de praktijk standhoudt, moet na de geplande ingebruikname in november blijken.
Ook elders wordt geëxperimenteerd met windenergie op grotere hoogte. Zo gaat China nog een stap verder met een vliegende windturbine die wind op 4 kilometer hoogte benut.

Gewone hijskraan praktisch onbruikbaar
Een turbine op 300 meter ashoogte bouwen levert bovendien een praktisch probleem op: conventionele hijskranen kunnen nauwelijks op die hoogte werken. GICON ontwikkelde daarom een telescopisch systeem. De turbine werd lager in de constructie gemonteerd, waarna een binnentoren met een gespecialiseerd hijssysteem door de omringende vakwerktoren omhoog werd gebracht.
Dat concept kan belangrijk worden als dergelijke turbines op grotere schaal gebouwd moeten worden.

Ook interessant voor Nederland
GICON en innovatieagentschap SPRIND zien vooral kansen voor een ‘tweede verdieping’ boven bestaande windparken. In Duitsland zouden volgens een eerste potentieelstudie tot 4.000 van zulke hoge turbines bij bestaande locaties geplaatst kunnen worden.
Ook voor Nederland is dat idee interessant. Geschikte ruimte voor nieuwe windparken is schaars, terwijl bestaande locaties al beschikken over wegen, netaansluitingen en andere infrastructuur. Een hogere energieopbrengst per locatie kan daardoor aantrekkelijk zijn.
Daar staan flinke uitdagingen tegenover. Torens van honderden meters vragen zwaardere funderingen, meer materiaal en complexe vergunningen. Ook radar, luchtvaart, landschappelijke impact en onderlinge turbulentie tussen hoge en lage turbines zullen onderzocht moeten worden.
De Duitse recordturbine bewijst dus vooral dat zo’n constructie gebouwd kan worden. De veel belangrijkere vraag volgt vanaf november: levert hoger bouwen ook genoeg extra kilowatturen op om de hogere kosten te rechtvaardigen?











