Nederland investeert steeds meer in wetenschappelijk onderzoek, maar dat vertaalt zich nauwelijks in nieuwe bedrijven. Het aantal onderzoekers aan Nederlandse kennisinstellingen groeide sinds 2015 met 28 procent, terwijl het aantal spin-offs juist licht daalde. Volgens Techleap zit het probleem niet zozeer in de kwaliteit van het onderzoek, maar in de stap van laboratorium naar onderneming.
Nederlandse universiteiten en onderzoeksinstellingen brengen jaarlijks ongeveer 65 nieuwe spin-offs voort. Dat zijn bedrijven die voortbouwen op wetenschappelijke resultaten uit een publieke kennisinstelling. Tussen 2022 en 2025 lag het gemiddelde iets hoger dan tien jaar eerder, toen er jaarlijks ongeveer 59 ontstonden, maar van echte groei is geen sprake. In 2020 werd met 79 nieuwe bedrijven voorlopig de piek bereikt.
Dat steekt af tegen de groei van het Nederlandse onderzoekslandschap. Volgens Techleap is het aantal onderzoekers sinds 2015 met 28 procent toegenomen. Meer mensen die wetenschappelijk onderzoek doen, leveren dus vooralsnog nauwelijks meer nieuwe bedrijven op. De stap van onderzoek naar ondernemerschap lijkt daarmee een belangrijk knelpunt.
Zwitserland laat zien dat het anders kan
Dat stagnatie niet vanzelfsprekend is, blijkt uit de vergelijking met ETH Zürich. Daar groeide het aantal onderzoekers in dezelfde periode met 13 procent, terwijl het aantal spin-offs met 68 procent toenam. Nederlandse technische universiteiten produceren per onderzoeker bovendien aanzienlijk minder spin-offs dan internationale koplopers als ETH Zürich en de Technical University of Denmark.
Binnen Nederland zijn de verschillen groot. Spin-offs uit de natuurwetenschappen zijn sinds 2015 sterk in opkomst: hun aantal verdrievoudigde. Bij de gezondheidswetenschappen nam de spin-offproductie juist met 58 procent af. Techniek en landbouw bleven min of meer stabiel, ondanks een groeiend aantal onderzoekers.
De bedrijven die ontstaan, doen het juist relatief goed
Het opvallende is dat Nederlandse spin-offs bepaald geen zwakke startups zijn. Van de bedrijven die sinds 2010 zijn opgericht haalt 18 procent minstens 1 miljoen euro aan privaat kapitaal op. Bij andere Nederlandse startups is dat 9 procent. Zes procent van de spin-offs haalt minstens 10 miljoen euro op, tegenover 2 procent van de overige startups.
Vooral deeptechbedrijven springen eruit. Van de deeptech spin-offs haalt 45 procent minstens 1 miljoen euro op en 19 procent bereikt de grens van 10 miljoen. Spin-offs vormen bovendien ongeveer 7 procent van het Nederlandse startup-ecosysteem, maar waren in 2025 goed voor 18 procent van het opgehaalde durfkapitaal.
Toch blijft Nederland ook bij de doorgroei achter op verschillende andere landen. Het duurt hier relatief lang voordat een spin-off de eerste miljoen euro aan financiering bereikt. Techleap ziet daarom niet alleen ruimte voor meer bedrijven, maar ook voor snellere groei. De organisatie pleit onder meer voor betere begeleiding van ondernemende onderzoekers, het koppelen van wetenschappers aan ervaren ondernemers en meer gestandaardiseerde procedures rond het oprichten van spin-offs en intellectueel eigendom.













