Eutelsat bestelt 440 satellieten om concurrentie aan te gaan met Starlink van Elon Musk. “LEO-satellieten zijn een ware gamechanger in de ruimte-industrie.
Eutelsat heeft nog eens 340 satellieten besteld bij Airbus. Het gaat om LEO-satellieten, ‘Low Earth Orbit’, die in een lage baan op 1200 kilometer hoogte om de aarde vliegen. Ze zullen breedbandinternet aanbieden aan overheden en bedrijven. “De satellieten worden vanaf 2027 geleidelijk aan in een baan om de aarde gebracht, de laatste in 2030”, vertelt Joanna Darlington van Eutelsat.
Het bedrijf wil de Europese tegenhanger worden van het Amerikaanse Starlink van Elon Musk en zijn bedrijf SpaceX. Musk heeft al duizenden LEO-satellieten gelanceerd.
Ruim een jaar geleden kreeg Airbus ook al de opdracht van Eutelsat om 100 nieuwe satellieten te bouwen. Die worden, net als de exemplaren die nu zijn besteld, in elkaar gezet op een nieuwe productielijn die Airbus Defence and Space in het zuid-Franse Toulouse heeft opgezet.
Deze zogeheten ‘OneWeb’-satellieten van Airbus en Eutelsat wegen elk 150 kilo, zijn 1x1x1,3 meter groot en hebben twee zonnepanelen die uitvouwen zodra ze in een baan rond de aarde zijn beland. De latentie, de vertragingstijd, is op dit moment zo’n 100 milliseconden. Dankzij nieuwe technologieën en verbeterde netwerken kan dit type satellieten in de toekomst een latentie bieden van nog maar 15 tot 20 milliseconden, is de verwachting.

Het Frans-Europese Eutelsat is op dit moment met het Amerikaanse Starlink de enige volwaardige aanbieder van breedbandinternet via LEO-satellieten. Eutelsat fuseerde in 2023 met het Britse OneWeb en samen beschikken ze over meer dan 600 Low Earth Orbit-satellieten die met een snelheid van 27.000 km per uur in 109 minuten rond de aarde draaien volgens het zogeheten Walker-Star-patroon.
“De satellieten vormen een web om de aardbol en daar mogen geen gaten in komen. Anders is het alsof je tennis speelt met een gat in je racket”, zegt Darlington.
Snelle slijtage vereist vervanging binnen 7 jaar
Een zwakte van de LEO-satellieten is dat ze sneller slijten dan geostationaire satellieten, vanwege de atmosferische omstandigheden dichter bij de aarde. Ze gaan maximaal zeven jaar mee. “De 440 nieuwe satellieten gaan de oude vervangen die de komende jaren het eind van hun cyclus bereiken. Maar wel met een aantal nieuwe toepassingen.”
Airbus rust ze onder meer uit met zogeheten digital channelizers. Die vervangen de bestaande analoge channelizers. De systemen pikken het binnenkomende breedbandsignaal op en splitsen het op in kleinere sub-kanalen, om ze efficiënter te beheren en te verwerken. De digitale versies bieden daarvoor veel meer én betere mogelijkheden dan de analoge.
Nieuwe satellieten krijgen nieuwe toepassingen van Airbus en kunnen ‘payloads’ meenemen.”
De nieuwe satellieten en de nieuwe digitale systemen zijn compatibel met het Europese IRIS²-satellietprogramma (zie kader), waarin Eutelsat een hoofdrol speelt. Ook zijn ze alle 440 ‘5G-compatible’. Het 5G-netwerk kan via de satellieten worden uitgerold naar gebieden die normaal onbereikbaar zouden zijn zoals delen van oceanen of rampgebieden.
De nieuwe exemplaren zijn bovendien geschikt om ‘bagage’ van derden mee te nemen, de zogeheten ‘payloads’. Apparatuur van externe partijen doet dan in de ruimte haar werk zonder dat de eigenaar zelf enorme kosten moet maken voor de satellieten en de lancering ervan. Voor Eutelsat wordt dat een nieuwe bron van inkomsten.

Gamechanger in de ruimte-industrie
Eutelsat levert niet aan consumenten, zoals Starlink doet, maar alleen aan bedrijven en overheden. De klanten en toepassingen zijn divers. Bijna 7.000 televisiezenders stralen hun programma’s uit via OneWeb. Bedrijven gebruiken het netwerk bijvoorbeeld voor transacties tussen banken of voor communicatie met olieplatforms. Regeringen en legers zetten het in om te surveilleren of te communiceren. Eutelsat verzorgt ook de communicatie tussen alle Britse ambassades in de wereld.
Bij Eutelsat noemen ze de LEO-satellieten ‘een ware gamechanger in de ruimte-industrie’. “De zakelijke markt zal de komende jaren in omvang vervijfvoudigen”, zegt Joanna Darlington. “Er komen zó veel nieuwe toepassingen bij waar een paar jaar geleden nog niemand aan dacht en die de geostationaire satellieten helemaal niet aankonden.”
De LEO’s kunnen veel sneller en goedkoper data en informatie uitwisselen met de aarde omdat ze dichterbij zijn dan de ‘oude’ geostationaire satellieten die op tienduizenden kilometers afstand circuleren. Ze hebben ook minder infrastructuur op de grond nodig en zijn daarmee toegankelijker voor de gebruikers. Adviesbureau EY Parthenon noemde LEO-satellieten vorig jaar de belangrijkste concurrent van glasvezel en 5G-netwerken.
Connected cars, robots en boodschappendrones worden klaargemaakt voor satellietgebruik.”
Internet in vliegtuigen is tegenwoordig net zo snel en krachtig als thuis of op kantoor dankzij de LEO-satellieten van Starlink en Eutelsat. In Oekraïne nemen militairen een satelliet-terminal mee in hun rugzak om vanaf het slagveld drones te lanceren en besturen. Via ‘direct-to-device’-systemen, D2D, wordt het langzaamaan mogelijk om met je mobiele telefoon direct via een satelliet te communiceren, zonder zendmast op aarde te gebruiken.
“Wij werken nu aan een speciale platte antenne op treinen die kan worden gebruikt om in contact te staan met satellieten”, aldus Darlington. “Uiteindelijk zal dat ook gebeuren met andere transportvormen, denk aan auto’s, connected cars, die via satellieten gaan communiceren.” Robots en boodschappendrones zijn de volgende klanten.

Satellieten zijn óók politiek
Amazon heeft vergaande ambities om net als Eutelsat en SpaceX een volwaardig netwerk van LEO-satellieten de ruimte in te sturen. Daarmee zijn de satellieten niet alleen een commerciële en technologische aangelegenheid, maar ook een politiek zorgenkindje.
“Starlink is Amerikaans. Amazon is Amerikaans. En dan zijn er nog twee Chinese bedrijven die zich opmaken om concurrent te worden. Wij zijn de enige Europese aanbieder”, zegt Joanna Darlington van Eutelsat. Dat zien ook steeds meer Europese regeringsleiders. Ze willen niet (meer) afhankelijk zijn van Donald Trump of van Elon Musk. Europa wil een eigen satellietinfrastructuur en wil ook zeggenschap over die structuur. Eutelsat vervult die rol: de Franse staat én de Britse staat zijn grootaandeelhouder.
“Niet alleen Europa maar ook andere landen willen minder afhankelijk worden van de VS”, aldus Darlington. “We werken al samen met Taiwan en we hebben pas een contract getekend met Groenland.”
Europa wil z’n eigen satellietnetwerk
De Europese Unie wil haar eigen satellietnetwerk opbouwen. Dat project heeft als naam IRIS² gekregen: Infrastructure for Resilience, Interconnectivity and Security by Satellite. De kosten worden geraamd op meer dan 10 miljard euro, deels betaald door de EU en deels door deelnemende bedrijven.
Het streven is om in 2030 264 IRIS²-LEO-satellieten en enkele tientallen Medium Earth Orbit-satellieten in de ruimte te hebben. Die kunnen voor commerciële doeleinden worden gebruikt maar moeten vooral de EU-lidstaten een veilige Europese omgeving bieden om overheids- en militaire informatie te versturen. Europa vindt dat ze nu té afhankelijk is van Amerikaanse infrastructuur en Amerikaanse bedrijven.
Snel gaat het allemaal niet: het oorspronkelijke plan werd al in 2022 gepresenteerd en lanceringen werden herhaaldelijk uitgesteld. Het werk is in 2024 toegekend aan een consortium van bedrijven, SpaceRISE, waarbinnen Eutelsat één van de prominente spelers is.
In februari van dit jaar kwam Eutelsat-topman Jean-François Fallacher met kritiek op de stroperigheid van IRIS² en de verdeeldheid van Europese landen. “Als we allemaal onze eigen gang gaan, dan slagen we nooit”, zei hij, verwijzend naar de Duitse plannen om een eigen satellietnetwerk op te zetten. “Als we willen dat IRIS² in 2030 van start gaat, dan moeten in Europa alle neuzen dezelfde kant staan.”






