Chirurgen in opleiding werden tot nu toe vaak tijdens het werk opgeleid, terwijl oefenen ook op andere manieren kan. Virtueel bijvoorbeeld. Dat helpt ook meteen om meer mensen te kunnen opleiden die broodnodig zijn, zoals operatieassistenten. Samen met de TU Delft ontwikkelde het Skills Centre for Health Sciences simulatoren voor dit doel. ‘Deze simulator geeft ook feedback aan de persoon die oefent’, legt Masie Rahimi uit, hij promoveert op training van kijkoperaties en robotchirurgie.
Rahimi is de medisch directeur van het Amsterdam Skills Centre, een gebouw vol operatiezalen en oefenruimtes met computers. Sommige simulatoren zien eruit als koffertjes, en die krijgen studenten mee naar huis. ‘Dan kunnen ze thuis drie weken lang oefenen. Voorheen leerden aankomende artsen deze vaardigheden alleen tijdens het doen, dus tijdens het opereren. In de operatiezalen hier, kunnen chirurgen op modellen oefenen, maar als het nodig is ook op lichamen die mensen na hun overlijden ter beschikking gesteld hebben aan de wetenschap. Het zijn niet alleen chirurgen in opleiding en chirurgen uit Nederland die hier oefenen, maar ook chirurgen uit andere landen komen hier voor aanvullende opleiding.’
Robotchirurgie vraagt om nieuwe vaardigheden, geoefend in een innovatieve VR-omgeving.”
Trainen met simulatoren
Piloten of schippers oefenen al lange tijd met simulatoren. ‘Dat leek ons ook heel handig, vooral omdat laparoscopie, kijkoperaties dus, een zekere handigheid vergt. Dat is moeilijk en dusdanig complex dat je dat liever eerst oefent voordat je in het echt met patiënten gaat werken. Met het koffertje kunnen studenten oefenen, om daarna met meer kennis en kunde in de OK, dus operatiekamer, terecht te komen.’ Deze simulator is samen met de TU Delft ontwikkeld. ‘Je komt onderweg vanzelf problemen tegen. Eerst zat er geen camera in en konden we niet op afstand meekijken, dus als een student drie weken met de simulator had geoefend, dachten wij dat het wel zou gaan. Dat bleek in de praktijk soms niet zo te zijn, want de koffer had drie weken op de plank gestaan. We installeerden vervolgens de bewegingssensor, die de hoeveelheid van bewegingen in de box bijhield en daarmee hoeveel er geoefend was. Het volgende probleem was dat een student zijn hamster in de simulator had gezet, omdat hij het te druk had gehad met zijn pasgeboren baby. Uiteindelijk zit er nu een camera in die alle oefeningen filmt en registreert. Ook voegden we directe feedback toe, zodat als een chirurg in opleiding teveel kracht uitoefent op het weefsel, de sensor een waarschuwing geeft en een reductie in zijn of haar score. Als diegene te ver of te diep snijdt, krijgt hij of zij een rood alarm. Dat zijn allemaal ingebouwde sensors. Zo krijgt de student direct feedback en kunnen wij volgen of de student het vereiste niveau heeft behaald.’

Personeelstekorten
Simulatoren kunnen ook helpen bij de tekorten aan personeel in de OK. Regelmatig kunnen operaties niet doorgaan vanwege een tekort aan operatie-en anesthesieassistenten. Ook hierin kunnen simulatoren helpen. DUTCH (Digital United Training Concepts for Healthcare) kreeg 132 miljoen euro uit het nationale groeifonds voor zes jaar, waarna DUTCH zelfstandig verder moet kunnen. Jan de Wolde is de financieel directeur van het Amsterdam Skills Centre en CFO van DUTCH en hij vertelt: ‘Wij verwachten dat 50 procent van het praktijkgedeelte van de opleiding virtueel kan plaatsvinden. Dat scheelt enorm, daarmee ondervang je het probleem dat door uitvallende operaties het opleiden nog langzamer gaat. DUTCH ontwikkelt verschillende typen simulaties, waarvoor we vooral kijken naar de vaardigheden die nodig zijn. Het klaarleggen van instrumenten voor een operatie bijvoorbeeld. Dat is voor iedere operatie anders, maar dat kan ook virtueel. Datzelfde geldt voor de volgorde waarin de instrumenten tijdens een operatie liggen. Hiervoor kijken wij naar de benodigde vaardigheden en of die ook virtueel aangeleerd kunnen worden. Liefst via digitale simulaties die je thuis op je eigen laptop kunt doen.’














