Achtergrond

Satellieten krijgen AI aan boord en gaan zelf beelden analyseren

Pelican-4 satelliet van Planet Labs. © Planet Lab

Lagere lanceerkosten, massaproductie, satellietzwermen, commercialisering en het gebruik van AI veroorzaakten een revolutie in aardobservatie. De volgende doorbraak: AI aan boord van satellieten kan ruwe data selecteren en analyseren en satellieten autonoom laten opereren. Betrouwbaarheid, energieverbruik en koeling blijven de grootste knelpunten.

“Je kunt wel zeggen dat we midden in een revolutie zitten,” zegt Aaldert van Amerongen, hoofd van het Aardobservatie Programma van de Nederlandse Organisatie voor Ruimteonderzoek (SRON). “Door de lagere lanceerkosten is de toegang tot de ruimte een stuk goedkoper geworden. Tegelijkertijd zijn de kosten gedaald door grote aantallen identieke satellieten te bouwen. Omdat er minder financiële risico’s zijn, is er meer geld voor vernieuwing. Daar profiteren we nu van, aardobservatie levert frequent steeds meer hoge resolutie gegevens op over de aarde.”

Van Amerongen merkt op dat de revolutie in aardobservatie samenvalt met een planetaire crisis die gekenmerkt wordt door klimaatverandering, verlies aan biodiversiteit en vervuiling. De instrumenten die de afdeling Aardobservatie van SRON in de ruimte brengt, zijn er dan ook op gericht deze processen in beeld te brengen. Zo signaleert TROPOMI, een instrument aan boord van ESA’s Sentinel-5 Precursor, al sinds 2017 locaties waar fijnstof, koolmonoxide, stikstofoxide en methaan worden uitgestoten. SPEXone, aan boord van NASA’s PACE, meet sinds 2024 aerosolen (fijnstof, roet, asdeeltjes) in de ruimte.

Methaan-uitstoot van een vuilstort in Buenos Aires in beeld gebracht door Tropomi. © SRON

“Die instrumenten verzamelen ontzettend veel data en dankzij de ontwikkeling van AI kunnen we daar steeds meer nuttige dingen mee doen,” zegt Van Amerongen. “TROPOMI heeft een breedbeeldcamera die de hele aarde scant. Het instrument stuurt deze data via grondstations in Canada, Zweden en Noorwegen naar SRON. Van Amerongen: “We gebruiken dan AI onder meer om methaanpluimen in de data op te sporen. Hierbij zijn echter altijd ook twee mensen betrokken die onafhankelijk van elkaar de conclusies controleren.” Wanneer SRON zo een methaanpluim ontdekt, wordt deze informatie doorgegeven aan een bedrijf met een satelliet die op de pluim kan inzoomen om meer informatie te verzamelen.

“In principe zou je de analyse van de TROPOMI-data ook helemaal kunnen overlaten aan AI,” zegt Van Amerongen, “maar dat doen wij dus niet. Het is voor wetenschappelijke toepassingen noodzakelijk dat we de AI-uitkomsten controleren voordat we deze doorgeven aan de Europese Commissie en de Verenigde Naties.”

Dit artikel is exclusief voor abonnees

Wachtwoord vergeten?

Heb je geen abonnement? Abonneer
Onderwerp:
AiRuimtevaart
Nieuw op TW
Meer relevante berichten