Na ruim veertig jaar voorbereiding heeft Finland geschiedenis geschreven. Het land heeft als eerste ter wereld een vergunning verleend voor de permanente ondergrondse opslag van gebruikte kernbrandstof. Op 430 meter diepte moet een ingenieus systeem van koper, klei en oeroud gesteente radioactief afval minstens 100.000 jaar veilig isoleren. Daarmee zet Finland een historische stap in de aanpak van een van de grootste problemen van kernenergie.
De Finse regering verleende op 22 oktober 2026 een exploitatievergunning aan Posiva Oy, het bedrijf achter de ondergrondse bergingsfaciliteit Onkalo. De vergunning geldt tot eind 2070 en volgt op een positieve veiligheidsbeoordeling van de Finse nucleaire toezichthouder STUK.
Daarmee is een belangrijke mijlpaal bereikt. Zoals TW eerder berichtte, werkte Finland jarenlang toe naar deze beslissing. Toch gaat de opslag niet onmiddellijk van start: eerst moeten de laatste veiligheidstests en inspecties worden afgerond.
430 meter diep in 1,9 miljard jaar oud gesteente
Onkalo ligt bij de kerncentrale van Olkiluoto, in het zuidwesten van Finland. De opslag bevindt zich in kristallijn gesteente dat ongeveer 1,9 miljard jaar oud is.
Het geheim zit in het zogenoemde KBS-3-systeem. Gebruikte splijtstof wordt opgesloten in koperen containers met een gietijzeren binnenconstructie. Die worden in verticale gaten geplaatst, omgeven door bentonietklei. Deze klei zwelt op wanneer ze water absorbeert en vormt zo een extra barrière. Het omringende gesteente zorgt voor langdurige geologische bescherming.
De faciliteit biedt plaats aan ongeveer 6.500 ton gebruikte kernbrandstof, verdeeld over circa 3.300 containers. Uiteindelijk wordt tientallen kilometers aan ondergrondse tunnels aangelegd. De opslag zal naar verwachting ruim een eeuw in bedrijf blijven.

Ook voor Nederland belangrijk
In Nederland wordt hoogradioactief afval voorlopig bovengronds opgeslagen bij COVRA in Zeeland. Een definitieve bergingslocatie is nog niet vastgesteld. Finland laat zien dat geologische eindberging niet alleen een theoretisch concept is, maar technisch en bestuurlijk daadwerkelijk gerealiseerd kan worden.
Toch betekent een vergunning niet dat alle onzekerheden verdwijnen. Vooral kopercorrosie, grondwaterstroming en toekomstige geologische veranderingen blijven aandachtspunten bij veiligheidsanalyses.
Is het kernafval probleem nu opgelost?
Niet helemaal. Ook Finland kan niet experimenteel aantonen hoe een berging zich over 100.000 jaar zal gedragen. De veiligheid berust op berekeningen, materiaalonderzoek en meerdere onafhankelijke barrières.
De echte doorbraak is daarom niet dat kernafval ongevaarlijk wordt, maar dat Finland als eerste land een vergunde permanente bergingsoplossing heeft gerealiseerd. Daarmee verschuift de internationale discussie van de vraag óf diepe eindberging mogelijk is naar hoe andere landen dit voorbeeld kunnen volgen.












