Achtergrond

Small wins creëren perspectief in hoofdpijndossiers: waarom grote transities beginnen met kleine stappen

© iStock

Wie werkt aan de energietransitie, de circulaire economie of digitale vernieuwing herkent het patroon. De opgave is urgent, het doel helder – klimaatneutraal, circulair, toekomstbestendig – en de plannen zijn groots. Maar juist die combinatie blijkt vaak verlammend. Want hoe verander je een systeem als alles tegelijk moet: snel, diepgaand én allesomvattend? In haar nieuwe boek Kleine stapjes, grote veranderingen legt bestuurskundige Katrien Termeer uit hoe je met small wins wél verschil maakt.

We verwachten van transities het onmogelijke. In de veranderkunde is al langer bekend dat veranderingen niet tegelijk diepgaand, systeembreed en snel kunnen zijn. Toch blijven beleidsagenda’s, innovatieprogramma’s en routekaarten precies dat beloven. Met als gevolg: overspannen plannen, groeiend cynisme en stagnatie. Volgens bestuurskundige Katrien Termeer (Wageningen University & Research en onder andere kroonlid van de SER) zit hier dan ook een fundamentele denkfout. Termeer pleit al jaren voor een alternatief perspectief dat in de praktijk beter blijkt te werken: small wins. Geen snelle optimalisaties of “laaghangend fruit’, maar kleine, betekenisvolle doorbraken die daadwerkelijk iets verschuiven in gedrag, routines of ontwerpprincipes – en die zich vervolgens kunnen verdiepen, verbreden en verspreiden.

Geen quick wins, maar kleine breekijzers

“Small wins worden vaak verward met quick wins, maar dat is echt iets anders’, benadrukt Termeer: “Het gaat niet om laaghangend fruit, maar om kleine stappen die diep ingrijpen in hoe mensen denken en werken.’ Het onderscheid is cruciaal. Quick wins zijn bekende oplossingen die snel resultaat opleveren, maar het bestaande systeem intact laten. Small wins zijn klein van schaal, maar groot in betekenis omdat ze radicaal zijn: ze raken aan gevestigde routines, belangen of aannames en veroorzaken daardoor wrijving. Die wrijving maakt ze relevant.

© iStock. Kleine veranderingen in dagelijkse processen, zoals afvalscheiding, kunnen uitgroeien tot bredere systeemverandering.

Een small win levert altijd een tastbaar resultaat op voor direct betrokkenen, maar bevat tegelijk de kiem van systeemverandering. Niet alleen techniek, maar bijvoorbeeld ook sociale relaties, verdienmodellen en instituties verschuiven mee. Dat maakt small wins bij uitstek geschikt voor zogenoemde wicked problems: vraagstukken zonder eenduidige oplossing, met veel actoren, conflicterende waarden en steeds nieuwe bijeffecten. Problemen als klimaatadaptatie, circulariteit of duurzame mobiliteit kennen geen eindpunt. Het kan altijd beter – en juist daarom werkt een aanpak die voortdurend leren en aanpassen mogelijk maakt, stelt Termeer.

Waarom klein vaak sneller is dan groot

Kleine stappen zijn vaak de snelste manier om beweging te krijgen in vastgelopen systemen. Grootschalige ingrepen roepen juist veel weerstand op, zeker in politiek-bestuurlijke omgevingen. Ze zijn zichtbaar, bedreigend en vragen veel tegelijk van betrokkenen. Kleine experimenten daarentegen zijn minder risicovol, blijven vaker onder de radar en maken sneller zichtbaar wat werkt en wat niet. Voor technici is dat een herkenbaar principe. In de industrie is stapsgewijze verbetering al decennialang gemeengoed, bijvoorbeeld in de Japanse kaizen-filosofie. Daarbij draait het om continu verbeteren van productieprocessen, niet via één grote reorganisatie, maar door dagelijkse kleine aanpassingen, uitgevoerd door de mensen die het werk doen.

© SER. Katrien Termeer, bestuurskundige aan Wageningen University & Research en kroonlid van de SER, pleit in haar nieuwe boek voor small wins als motor van maatschappelijke transities.

De overeenkomst met small wins is groot. Ook hier gaat het niet om oppervlakkige optimalisatie, maar om het veranderen van routines, verantwoordelijkheden en denkpatronen. Het verschil zit vooral in schaal en context. Waar kaizen zich richt op relatief afgebakende processen, past Termeer hetzelfde principe toe op maatschappelijke systemen, met veel meer actoren, belangen en onzekerheden. Dat kleine stappen kunnen cumuleren tot grote veranderingen is geen toeval. “Een small win laat zien: dit werkt, en wij kunnen dit’, zegt Termeer. “Dat geeft energie, en energie is in transities geen bijzaak maar een voorwaarde.’

Small wins herkennen, erkennen en stimuleren

Small wins laten zich niet “op afroep” ontwerpen als een klassiek project met strak gedefinieerde mijlpalen en deliverables. Ze ontstaan meestal in de praktijk: in lopende projecten, programma’s of pilots waar professionals proberen een concreet knelpunt op te lossen. Denk aan een ingenieur die bij een renovatie afwijkt van het standaarddetail, of een beleidsmedewerker die binnen bestaande regels experimenteert met een andere oplossing.

Volgens Termeer moeten bestuurders, ingenieurs en innovatiemanagers vooral leren small wins te herkennen, erkennen en versterken. “Het gaat erom dat je leert kijken’, zegt ze, “en ziet wat er al in beweging is.’ Door zulke kleine afwijkingen te herkennen en serieus te nemen, kunnen ze worden versterkt en verbonden aan grotere ambities, in plaats van te verdwijnen in de dagelijkse ruis. Scherp waarnemen is dan ook cruciaal: waar vinden al kleine technische of organisatorische verschuivingen plaats die bijdragen aan de grote ambitie en bijbehorende transformatie?

In haar onderzoek ziet Termeer dat veelbelovende initiatieven vaak ontstaan binnen bestaande projecten, maar zelden als zodanig worden herkend. Juist daar gaat het vaak mis. Bestuurders en managers lanceren nieuwe programma’s of pilots, terwijl bestaande initiatieven daarmee onbedoeld worden overvleugeld. “Dan wordt er iets nieuws bedacht’, zegt Termeer, “terwijl er eigenlijk al geleerd wordt in de praktijk.’ Als zulke initiatieven er nog niet zijn, kun je ze volgens haar wel degelijk zelf aanjagen. Maar niet via vrijblijvende pilots die netjes binnen bestaande regels passen. Een echte small win zoekt bewust de “plek der moeite’ op: bijvoorbeeld een circulaire aanbesteding die botst met gangbare afschrijvingsregels, of een onderhoudscontract waarin eigendom wordt ingeruild voor prestatie. Juist die wrijving maakt zichtbaar wat er technisch, juridisch en organisatorisch moet veranderen om een systeem daadwerkelijk te laten schuiven.

Leiderschap: pitbullterriërs en lef

In vrijwel elke geslaagde transitie ziet Termeer hetzelfde patroon terug. Verandering begint zelden aan de top, maar bij vasthoudende doeners die ondanks weerstand blijven experimenteren. “Je hebt pitbullterriërs nodig’, zegt ze, “mensen en organisaties die blijven doorzetten als het schuurt.’ Die pitbullterriërs – vaak ingenieurs, ondernemers of ambtenaren met een missie – zijn onmisbaar, maar redden het niet alleen. Op een zeker moment lopen zij vast op regels, budgetten of bestaande machtsverhoudingen. Dan zijn leiders met lef nodig. Niet om het initiatief over te nemen, maar om ruimte te creëren: door tijdelijk af te wijken van standaardprocedures, middelen vrij te maken of politieke dekking te bieden.

© iStock. Veel maatschappelijke transities spelen zich af binnen organisaties, waar nieuwe ideeën en werkwijzen stap voor stap hun weg vinden in dagelijkse routines.

In haar onderzoeks- en adviespraktijk ziet Termeer dat dit samenspel vaak het verschil maakt tussen initiatieven die doorgroeien en projecten die in de pilotfase blijven hangen. Een circulair concept dat technisch werkt, strandt zonder bestuurlijke rugdekking al snel op aanbestedingsregels, afschrijvingssystematiek of risicomijdend toezicht. Dat vraagt om een andere opvatting van leiderschap. Minder sturen via planning & control, meer via het beschermen en versterken van wat werkt. Leiders moeten bereid zijn onzekerheid toe te laten, leren te zien als opbrengst en vol te houden als de spanning oploopt. Juist door niet alles vooraf dicht te timmeren, ontstaat ruimte voor small wins om uit te groeien tot structurele verandering.

Van ambitie naar uitvoering

Volgens Termeer biedt de small wins-benadering juist voor technici en beleidsmakers een realistisch handelingsperspectief. Niet wachten op het perfecte ontwerp of het allesomvattende akkoord, maar beginnen waar het kan. Klein van schaal, maar gericht op echte verandering in gedrag, routines of ontwerpkeuzes. Dat vraagt om een andere manier van kijken naar succes. Niet de vraag of het hele systeem al is veranderd, maar of er iets is losgekomen dat vastzat. Is er nieuw technisch of organisatorisch gedrag ontstaan? Zijn barrières zichtbaar geworden – en misschien al deels geslecht? Juist in dossiers waar de urgentie hoog is en de complexiteit verlammend werkt, maken small wins vooruitgang concreet. Ze helpen voorkomen dat transities blijven steken in abstracte agenda’s of symbolische maatregelen en maken verandering toetsbaar in de praktijk.

Twee small wins in de praktijk

Circulair inkopen bij infrastructureel onderhoud
Bij een aantal infrastructurele onderhoudsprojecten is geëxperimenteerd met een andere aanbestedingslogica. Niet de aanleg of vervanging van infrastructuur stond centraal, maar de functionele prestatie over de levensduur. In contracten wordt gestuurd op beschikbaarheid, onderhoud en materiaalbehoud, in plaats van op het leveren van nieuwe hoeveelheden asfalt of beton. De ingreep is op papier klein, maar heeft grote gevolgen voor het ontwerpproces. Ontwerpers moeten rekening houden met demontage, hergebruik en onderhoudbaarheid. Aannemers krijgen prikkels om levensduurverlenging te verkiezen boven vervanging. Inkopers worden gedwongen anders om te gaan met risicoverdeling, afschrijving en kosten over de tijd.

Licht als dienst in utiliteitsgebouwen
Het concept Light as a Service begon als pilot in enkele utiliteitsgebouwen. In plaats van armaturen te verkopen, bleef de leverancier eigenaar van de verlichting en betaalde de gebruiker voor licht. Technisch verandert er weinig, maar de systeemlogica kantelt. Ontwerp, onderhoud en energieverbruik komen in één hand, waardoor energie-efficiëntie en levensduur directe ontwerpcriteria worden. Een beperkte contractuele wijziging leidde zo tot fundamenteel andere ontwerpprincipes en groeide uit tot een internationaal toegepaste circulaire standaard.

Katrien Termeer (2025), Kleine stapjes, grote veranderingen – betekenisvol werken aan maatschappelijke vraagstukken, Boom. Verkrijgbaar via bol.com.

Onderwerp: Beleid

Meer relevante berichten